Leven gesneuvelde marinier voor zoons vastgelegd in boek

Dagboek van het thuisfront

Het leven van marineman Ivo van der Steen stond op zijn kop toen zijn beste vriend sneuvelde in Uruzgan. Marinier Jeroen Houweling (29) kwam in 2010 om toen zijn voertuig op een bermbom reed. Voor de zonen van Jeroen schreef Van der Steen ’Dagboek van het Thuisfront’. Vandaag reikt hij het eerste exemplaar uit aan de jongens en hun moeder.

Afbeelding
Ivo van der Steen beschreef het leven van zijn gesneuvelde goede vriend en collega Jeroen Houweling. In eerste instantie schreef hij het voor de zoons en vrouw van Jeroen, maar hij hoopt er ook andere militairen mee te helpen. FOTO ROB DE JONG

We zijn stille getuigen van een groot drama. Ik zie hoe Jessica naar het hoofdeinde van de kist loopt en zich over de kist laat vallen. Vervolgens strekt ze haar armen uit en zegt hardop door haar dikke tranen heen: „Jeroen dit hadden we toch niet afgesproken?” Dit beeld en haar persoonlijke woorden tot Jeroen gaan werkelijk door merg en been.

Zo beschrijft Ivo van der Steen het aangrijpende moment waarop de vrouw van zijn vriend, weduwe sinds een paar dagen, op vliegveld Eindhoven voor het eerst de kist ziet waarin hij is teruggekeerd. Jeroen, beer van een vent, vader van Raphaël (9) en Benjamin (10 maanden) zal nooit voorbij de bloei van zijn leven komen. Daar in die hangar beseffen de nabestaanden het voor het eerst echt.

Ongemakkelijk

Van der Steen vertelt het verhaal secuur en compleet. De deuren die veel nabestaanden van gesneuvelden liever dicht hielden, staan ineens wagenwijd open. Boeiend, want zo zie je wat de familieleden, vrienden en collega’s van de 25 militairen die omkwamen tijdens de missie Uruzgan te verwerken kregen. Maar het voelt op momenten ook ongemakkelijk om zo dichtbij zulke intieme gebeurtenissen te zijn. Ze komen in volle rauwheid binnen omdat de schrijver geen detail onvermeld heeft gelaten.

Emoties

„Ik heb eerlijk willen zijn. Ik heb alles opgeschreven zoals het is gebeurd”, legt Van der Steen, die in het dagelijks leven scheepstechnicus bij de marine is, uit. Jeroen kende hij al sinds zijn kindertijd. „Ik heb het geschreven compleet met alle emoties. Die van de familie, maar ook die van mezelf. Dat is soms confronterend. Ik heb toen ik het teruglas ook wel gedacht: moet ik dit er niet uithalen? Maar dat zou niet eerlijk zijn. Dat vindt Jessica ook. ’Zo is het gebeurd, dus zo mag het ook worden verteld’, zegt zij. Zonder haar goedkeuring was het boek nooit op de markt gekomen.”

„Ik heb dit geschreven voor Raphaël en Benjamin. Raphaël was boos op zijn moeder omdat hij niet mee mocht op een nabestaandenreis naar Afghanistan. Hij wilde zien waar zijn vader heeft gewerkt. Ik heb uitgelegd dat negen jaar daarvoor te jong is, maar dat ik mee zou gaan om alles voor hem te fotograferen en op te schrijven. Thuis bedacht ik me dat het beter zou zijn om alles wat er in de tijd na het sneuvelen van Jeroen is gebeurd, vast te leggen. Ik heb het met de hand opgeschreven op 300 A4’tjes. Het kostte elk vrij uurtje, maar het voelde goed mijn belofte waar te maken. Vervolgens zei mijn omgeving: ’daar moet je wat mee doen.”

In puin

Behalve Ivo van der Steen hebben ook Jeroens weduwe en een aantal collega’s meegeschreven. Ze staan ook stil bij Jeroens collega Marc Harders, die bij dezelfde aanslag om het leven kwam. Vooral de epiloog van Jessica Houweling maakt indruk. Ze vertelt open hoe haar leven in puin lag na het plotselinge verlies. De buitenwereld zag haar als de stoere mariniersvrouw die het aankon, maar de werkelijkheid was heel anders. Ze schrijft aan haar zonen:

Iedereen dacht dat ik sterk genoeg was, maar ze wisten niet dat ik zo graag mijn ogen wilde sluiten om niet meer wakker te worden… Het allerzwaarste vond ik dat ik alles alleen heb moeten beslissen over jullie. Ik heb echt mijn best gedaan. Ook al zat ik er doorheen, alles ging thuis door: koken, wassen, strijken, jullie verzorgen. En echt af en toe was het geen pretje, maar ik ben zo blij met en trots op jullie.

„We hopen dat dit boek ook andere militairen helpt”, legt Ivo van der Steen uit. Vanaf een canvasdoek kijkt een jonge Jeroen glimlachend toe. Hij staat schouder aan schouder met zijn boezemvriend tijdens een vakantie op de Canarische Eilanden. „Ik heb al gehoord dat stoere mariniers die een proefversie kregen, het soms te kwaad werd. Ze vertalen Jeroen zijn verhaal naar hun eigen situatie. Dat is goed. Ik hoop vooral dat Jeroen hierdoor minder snel wordt vergeten. Het zou mooi zijn als hij zo langer bij ons kan zijn.”

telegraaf